Doe 1 eetlepel ghee in een antikleefpan.
Schep er de kokosrasp (125 gram) bij en rooster dit gedurende een 5-tal minuten tot een geurig mengsel. Blijf heel de tijd roeren, zodat het niet verbrandt. Zet dan even opzij.
Pel de mango en snijd er kleine stukjes van. Doe de stukjes mango in een maatbeker en mix de mango tot puree. Je kan hiervoor ook mangostukjes uit de diepvries gebruiken.
Haal de zaadjes uit de kardemonpeulen en vijzel ze fijn. Voeg dit toe aan het mangomengsel.
Schep de gecondenseerde melk in een kleine kookpot en warm dit op.
Schep de mangopuree bij de warme gecondenseerde melk en roer voortdurend tot het mangomengsel dikker wordt.
Doe er nu de kokosrasp bij en laat het mengsel op het vuur verder bakken gedurende 5 minuten.
Blijf roeren zodat het niet aanbrandt. Het mengsel moet een deegachtige consistentie hebben en aan elkaar kleven.
Schep het mengsel op een bord en laat het even afkoelen.
Zet het mangomengsel eventueel 5 minuten in de koelkast zodat het wat steviger kan worden.
Doe de overige kokosrasp (30 gram) in een diep bord.
Vorm vervolgens kleine balletjes van het mangomengsel.
Haal ze door de kokosrasp.
Snijd de gedroogde abrikozen in kleine stukjes.
Steek een stukje abrikoos in het midden van elk mangoballetje.
Schik de mango ladoo op een mooi bord en zet nog op even in de koelkast zodat ze wat kunnen opstijven.