Bereid gelijktijdig de romige tomatencurry.
Verwarm in een stoofpot 2 eetlepels olie en 2 eetlepels boter, ghee of margarine.
Voeg de kaneelstok toe, samen met 2 blaadjes laurier, de zaadjes van 3 kardemonpeulen, een koffielepel komijnpoeder, korianderpoeder, garam masala en een theelepel zout toe.
Stoof dit 3 minuten. Snipper ondertussen de sjalotten fijn, pers de teentjes look en rasp de gember. Voeg toe aan het kruidenmengsel en stoof dit 10 minuten aan tot de sjalotten goudbruin gebakken zijn.
Halveer de kerstomaatjes. Voeg de tomatenpuree, de gehalveerde kerstomaatjes, de tomatenblokjes en water toe aan laat het geheel nog 20 minuutjes onder deksel sudderen.
Verwijder de laurierblaadjes en de kaneelstok. Mix de tomatencurry glad.
Voeg de geroosterde bloemkoolroosjes toe aan de tomatencurry.
Doe de kokosmelk in de ovenschotel waarin je de bloemkool geroosterd hebt en schrap de aanbaksels los. Voeg de kokosmelk dan toe aan de tomatencurry. Roer door en warm alles nog even op. Proef en kruid indien nodig bij met zout en garam masala.
Werk de Indiase bloemkoolcurry af met de gedroogde fenegriekblaadjes en de verse koriander. Serveer met gekookte basmatirijst en naan of chapati.